Eerder dit jaar kwam het Dutchbatmuseum in Srebrenica eindelijk gereed. Over dit museum is veel te doen geweest. De financiële stukken ervan zijn hier nu voor iedereen in te zien.

Na een klein jaar vertraging is op 9 februari 2017 in Bosnië een Nederlands museum geopend over de val van Srebrenica. Er is veel te doen geweest over dit zogenaamde Dutchbatmuseum. Zo werd de Bosnische gemeenschap in Nederland niet betrokken bij de ontwikkeling ervan. Daarnaast heeft de oud-burgemeester van Srebrenica zich herhaaldelijk beklaagd over de financiële gang van zaken: Nederlandse hulporganisaties zouden zich met dit project verrijken met geld bestemd voor Srebrenica.

Edwin Giltay, auteur van De doofpotgeneraal, heeft op 28 april 2017 met een beroep op de Wet Openbaarheid van Bestuur bij minister Koenders van Buitenlandse Zaken alle informatie opgevraagd over de financiering van dit project. Wij van SGTRS hebben dit informatieverzoek medeondertekend.

Na maanden vertraging hebben we op 2 augustus 2017 in 69 documenten (totaal 614 pagina’s) ontvangen van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Wij achten het een goede zaak deze stukken breder te verspreiden, en raden iedereen aan zelf te grasduinen: hebben Nederlandse hulporganisaties zich inderdaad verrijkt met geld bestemd voor Srebrenica?

Voorpagina van het pamflet De Geheime DealHiernaast de voorpagina van het pamflet ‘De Geheime Deal’. In dit pamflet gaat Jehanne van Woerkom in vogelvlucht door de WOB-documenten. Zij laat zien hoe met dit museum een loopje wordt genomen met de echte slachtoffers van het drama Srebrenica. Jehanne heeft recht van spreken. Zij is al jaren betrokken bij de jaarlijkse Srebrenica-herdenking op het Plein in Den Haag. Zij is ook de maker van het mobiele monument dat elk jaar op 11 juli tijdens de herdenking op het Plein staat.

Wat de documenten betreft: enkele documenten blijken niet leesbaar door een te grove resolutie. Op 28 augustus 2017 is er daarom een bezwaarschrift verstuurd, waarin de kwestie van de onleesbaarheid van de betreffende documenten is genoemd, maar ook enkele andere zaken. Het bezwaarschrift vindt u hier.

In vervolg op ons bezwaarschrift zijn wij uitgenodigd voor een hoorzitting, die op 16 september heeft plaatsgevonden. Wij hebben een goed gesprek gehad. Een gespreksverslag zal ons worden toegestuurd. Vooruitlopend op dit verslag heeft men ons verbeterde scans toegezonden. Deze staan onderaan deze webpagina.

Het dossier vindt u hier in 4 delen.

De inventarislijst van de 69 documenten staat hier.

 

Deel 1 (de pagina’s 001 – 180) staat hier.
Documenten nummers 1 t/m 3

Deel 2 (de pagina’s 181 – 384) staat hier.
Documenten nummers 4 t/m 34

Deel 3 (de pagina’s 385 – 573) staat hier.
Documenten nummers 35 t/m 57

Deel 4 (de pagina’s 574 – 614) staat hier.
Document nummers 58 t/m 69.

NB. Doornummering van de pagina’s aan de onderkant (van elke pagina).

De nu goed gescande pagina’s (met de financiële gegevens) vindt u hier.

De Rijksoverheid heeft de WOB-procedure met alle documenten op zijn website gezet. Die vindt u hier.

 

Samenvatting van de geldstromen

Uit de WOB-documenten blijkt dat er een subsidie is verstrekt van in totaal rond de 1.232 miljoen euro. Het Potočari Herdenkingscentrum in Bosnië ontving 1.249.367,41 Bosnische Mark.[1] Dat is omgerekend 639.716,- euro (met de omrekenkoers BAM–Euro 1,953). PAX ontving 659.959,19 euro.[2]

Dat wil overigens niet zeggen, dat met bovengenoemde bedragen het museum is bekostigd. Uiteindelijk heeft het museum namelijk veel meer gekost:

Uitgaven in Nederland[3]
Subsidie Buitenlandse Zaken € 659.959,19. Subsidie Defensie €      9.622,19. Bijdrage Pax en Westerbork (gebudgetteerd)   €    96.221,89 Bijdrage Pax en Westerbork (financiering overschrijding) € 221.405,29
Subtotaal:  € 987.208,56

Uitgaven in Bosnië:
Subsidie Buitenlandse Zaken € 639.716,00. Eigen bijdrage  €     9.535,84
Subtotaal: € 649.251,84

Het museum heeft totaal gekost: € 987.208,56 + € 649.251,84 = € 1.636.460,40

Pax heeft na de eerste subsidietoekenning (op 4 juni 2013) drie keer om extra subsidie gevraagd.[4] Van die aanvullende aanvragen is ruim honderdduizend euro gehonoreerd.

Wat de bijdragen van PAX en Westerbork betreft het volgende: Het lijkt een genereus gebaar dat PAX uit eigen middelen het bedrag van ruim € 317.000,– beschikbaar heeft gesteld. We moeten ons echter realiseren dat zowel PAX als Westerbork voor een groot gedeelte door de overheid wordt gefinancierd. Wat PAX betreft, krijgt deze organisatie gedurende de vijf jaren van 2015–2020 het bedrag van € 11.904.750,– per jaar in het kader van ‘Samenspraak & Tegenspraak’, oftewel het programma ‘Pleiten en Beïnvloeden’ van het ministerie van Buitenlandse Zaken. Daarnaast ontvangt PAX nog meer. Naast donaties springt de Nationale Postcode Loterij immers bij met de nodige miljoenen om het ‘maatschappelijk draagvlak’ voor PAX te verantwoorden.[5] De genoemde eigen bijdrage is dan ook voor PAX een kleinigheid. Overigens is dit natuurlijk (ook) belastinggeld!

Maar er is meer. Het dagtarief van de medewerkers van PAX en Westerbork zijn vastgesteld op bedragen variërend van € 546 tot € 625.[6] Onkostenvergoedingen moeten hierbij nog worden opgeteld. Als we ons realiseren dat Bosnië een arm land is, en dat mensen er van een fractie van dergelijk dagtarieven moeten rondkomen, dan is het niet te verkroppen dat een non-gouvernementele organisatie als PAX deze dagtarieven heeft gehanteerd. Nota bene, het gaat hier om een project bestemd voor de ontwikkeling van Srebrenica.

 ——————————————————————-
[1] Met dit bedrag heeft het Potočari Herdenkingscentrum de bouw van het museum bekostigd. Dus de ‘hardware’.
[2] Zie de WOB-documenten pagina 376 of 382.
[3] Zie WOB documenten pagina 382 of 444 of 495
[4] Er zijn dus drie revisies (zie bijvoorbeeld pagina 434). Zie ook pagina’s 325 (tweede revisie) en 376 (derde revisie). In de derde revisie van 27 mei 2014 staat dat het museum uiterlijk 15 december gereed moet zijn. Deze datum is niet gehaald. Op 5 december 2016 heeft PAX het van de Nederlandse ambassade voor elkaar gekregen dat er een vierde revisie kwam: budgetneutraal, maar met uitstel tot eind februari. Revisies 1 tot en met 3 betroffen tijd en geld; de vierde alleen tijd.
[5] Een bewijs van ‘maatschappelijk draagvlak’ is een eis die het ministerie van Buitenlandse Zaken stelt om de subsidie te verstrekken in het kader van ’Samenspraak & Tegenspraak’. Aan die eis wordt voldaan als minimaal 25 procent van de inkomsten door derden wordt verstrekt. De geldverstrekkingen van de Nationale Postcode Loterij ziet Buitenlandse Zaken als inkomsten waarmee dit ‘maatschappelijk draagvlak’ wordt aangetoond.
[6] Zie WOB-documenten pagina 60. In de Excel-bladen staan andere, weliswaar gelijkwaardige bedragen. Zie bijvoorbeeld pagina 434.